
Je zoekt al maanden een vaste medewerker voor je bedrijf. Je belt het uitzendbureau, je plaatst dezelfde vacature als vorig jaar, je wacht af. En je kijkt steeds in dezelfde kleine vijver: mensen met agrarische ervaring of arbeidsmigranten.
Daar zit je grootste blinde vlek. Personeel werven in de agrarische sector lukt beter als je je kandidatenmarkt verbreedt.
Dit artikel laat zien hoe je dat doet: van je werkgeversverhaal tot de juiste kanalen, eerlijke seizoensafspraken en het vasthouden van je mensen.
Alles over werven in de land- en tuinbouw
Een praktische aanpak voor telers, kwekers en agrarisch ondernemers om vacatures sneller in te vullen en personeel langer te behouden.
- Waarom je vacatures blijven openstaan
- Je kandidatenmarkt is groter dan je denkt
- Maak je werkgeversverhaal concreet
- De juiste kanalen voor agrarisch personeel
- Seizoenspieken en arbeidsmigranten: eerlijk en slim
- Zelf werven of via een agrarisch uitzendbureau?
- Personeel behouden: stop het jaarlijkse zoeken
- Veelgestelde vragen over werven in de agrarische sector
Definitie: Personeel werven in de agrarische sector betekent kandidaten vinden voor werk in akkerbouw, veehouderij, glastuinbouw, open teelten en fruitteelt. Dat loopt van vaste functies tot seizoenswerk rond planten en oogsten. Werving in deze sector vraagt aandacht voor pieken in het jaar, een sterk werkgeversbeeld en eerlijke arbeidsvoorwaarden, ook voor seizoenskrachten en arbeidsmigranten.
Waarom je vacatures in de land- en tuinbouw blijven openstaan
De arbeidsmarkt is krap, dat weet je. Maar krapte is niet je enige probleem. Veel agrarisch ondernemers zoeken te smal. Je vraagt om iemand met ervaring in de kas of op het land, en die mensen zijn schaars. Tegelijk werkt de instroom van arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa niet meer vanzelf. Steeds meer van hen kiezen voor werk dichter bij huis.
Er speelt nog iets. Veel mensen hebben geen beeld bij werken in de land- en tuinbouw. Ze verwachten zwaar werk en lage lonen. Motivaction onderzocht dit in opdracht van de gezamenlijke land- en tuinbouworganisaties. Uit dat onderzoek onder 1.268 werkende Nederlanders blijkt dat 28% openstaat voor een baan in de sector. Die mensen waarderen het afwisselende werk en het contact met de natuur. Het probleem: ze weten niet hoe of waar ze solliciteren.
Dat is goed nieuws. Je tekort komt deels door hoe je werft, niet alleen door de markt. En aan je eigen aanpak verander je vandaag iets.
Takeaway: Je grootste rem zit in een te smalle zoektocht en een vaag beeld bij buitenstaanders. Allebei los je zelf op.

Je kandidatenmarkt is groter dan je denkt
Kijk verder dan de mensen die al in de sector werken. Drie groepen blijven vaak onbenut, terwijl ze prima passen bij agrarisch werk.
De eerste groep zijn zij-instromers. Dat zijn mensen met werkervaring uit de zorg, techniek of bouw die toe zijn aan iets anders. Ze missen agrarische kennis, maar nemen handigheid, doorzettingsvermogen en technisch inzicht mee. Een monteur die met machines overweg kan, leert het werk in een loonbedrijf snel. De tweede groep zijn scholieren en studenten voor het seizoenswerk. Zij vullen pieken op en sommigen blijven hangen. De derde groep is regionaal talent: mensen die graag dicht bij huis werken en de reistijd naar de stad zat zijn.
Een fruitteler die alleen zoekt naar “ervaren oogstmedewerkers” loopt al deze mensen mis. Verbreed je vraag. Beschrijf het werk en de competenties die je zoekt, niet alleen het cv dat je gewend bent. Hoe je dat doet, lees je in de tips voor een goede vacaturetekst.
Takeaway: Open je vacature voor zij-instromers, scholieren en regionaal talent. Vraag om competenties, niet om een standaard profiel.

Maak je werkgeversverhaal concreet
Mensen verwachten lage lonen en slecht werk in de sector. Dat beeld klopt vaak niet, maar je moet het wel weerleggen. Hier ligt je grootste wervingskans: laat zien hoe het werken bij jou echt is.
Vertel niet dat je een “fijne werkgever” bent. Laat het zien. Hoe ziet een werkdag eruit? Wat leert iemand in het eerste jaar? Werk je met nieuwe machines, met een vast team, met flexibele uren rond schooltijden? Een teler die laat zien dat een seizoenskracht doorgroeit naar teamleider, vertelt een sterker verhaal dan tien vacatures vol holle frasen.
Wees ook eerlijk over het salaris. De cao glastuinbouw en de cao open teelten leggen een minimum vast voor loon, toeslagen en verlof. Noem het loon in je vacature. Dat scheelt teleurstellingen en trekt mensen die het beeld van “slecht verdienen” willen toetsen.
Takeaway: Buig het verwachte beeld om met concrete verhalen over werk, groei en beloning. Zet het salaris in de vacature.
De juiste kanalen voor agrarisch personeel
Een vacature op je eigen site is een begin, geen plan. Verschillende groepen vind je via verschillende kanalen:
- Voor zij-instromers en mensen van buiten de sector werkt het gezamenlijke platform van de land- en tuinbouw, waar je gratis vacatures plaatst.
- Voor seizoenswerk gebruik je platforms die daar gespecialiseerd in zijn, zoals Seasonalwork.nl, en de Werkgeversservicepunten van het UWV in je arbeidsmarktregio.
- Voor regionaal talent zijn lokale Facebookgroepen en buurtnetwerken sterker dan je denkt. Mensen delen daar dat ze werk zoeken in de buurt.
Onderschat referrals niet. Je huidige medewerkers kennen mensen die net zo werken als zij. Vraag ze actief om tips en beloon een geslaagde aanbeveling. In een sector waar veel via via loopt, is dit een van je sterkste bronnen.
Takeaway: Kies je kanaal per doelgroep. Combineer het sectorplatform, seizoensplatforms, lokale netwerken en referrals.
Seizoenspieken en arbeidsmigranten: eerlijk en slim
Seizoenswerk hoort bij de sector. Uit meerjarige cijfers van het CBS blijkt dat ongeveer een vijfde van het werk in de land- en tuinbouw seizoenswerk is, in de glasgroente zelfs het grootste deel. De pieken liggen vooral tussen april en oktober, met een hoogtepunt in augustus en september.
Een groot deel van dat seizoenswerk wordt ingevuld door arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa. Die instroom neemt af. Daarom is goed werkgeverschap geen bijzaak maar je wervingstroef. Wie nette huisvesting biedt en eerlijke voorwaarden, houdt seizoenskrachten langer en ziet ze vaker terugkomen. Het Agrarisch Keurmerk Flexwonen helpt je huisvesting op orde te krijgen.
Let op de regels. Seizoenskrachten en uitzendkrachten vallen onder de cao en hebben recht op eerlijk loon en toeslagen. Werk je met een uitzendbureau, controleer dan of dit gecertificeerd is. Met de komst van het nieuwe toelatingsstelsel (Wtta) komt er bovendien strenger toezicht op uitzendbureaus, met een toelatingsplicht die ingaat per 1 januari 2027.
Let op bij seizoenskrachten
Onderschat de regels rond seizoenswerk en huisvesting niet. Onderbetaling, slechte huisvesting of het inhuren via een niet-gecertificeerd bureau brengt risico’s met zich mee, van boetes tot reputatieschade. Goede voorwaarden zijn geen kostenpost maar de reden dat mensen terugkomen.
Takeaway: Plan rond je pieken, regel nette huisvesting en eerlijke voorwaarden, en werk alleen met gecertificeerde bureaus.
Zelf werven of via een agrarisch uitzendbureau?
Voor korte pieken is een uitzendbureau handig. Je hebt snel mensen en weinig administratie. Het kost meer per uur, maar je betaalt alleen als je werk hebt. Voor seizoenswerk dat elk jaar terugkomt is dit vaak een logische keuze.
Voor vaste functies loont het om zelf te werven. Je bouwt een eigen kandidatennetwerk op, vertelt je eigen verhaal en houdt de kosten lager op lange termijn. Een agrarisch ondernemer die elk jaar opnieuw een teamleider via een bureau zoekt, betaalt steeds opnieuw. Wie zelf een netwerk opbouwt, vindt de volgende keer sneller iemand.
De praktijk is meestal een mix: zelf werven voor je vaste kern, een bureau voor de pieken. Bereken wat een uitzendkracht je echt kost voordat je kiest.
Zo lees je verder over de afweging in de kosten van een uitzendkracht en over de vraag wanneer je een bureau inschakelt en wanneer je zelf werft.
Takeaway: Zelf werven voor je vaste kern, een bureau voor de pieken. Reken eerst de werkelijke kosten door.
Personeel behouden: stop het jaarlijkse zoeken
De beste manier om minder te werven is mensen vasthouden. In een sector met veel verloop levert dat direct rust op.
Begin bij de start. Een seizoenskracht die zich op dag een welkom voelt, blijft langer en komt vaker terug. Een korte introductie, een vast aanspreekpunt en duidelijke uitleg over het werk maken al verschil. Bied vaste medewerkers daarna zicht op groei en goede secundaire arbeidsvoorwaarden. Dat hoeft niet duur te zijn: flexibele uren rond het gezin, een opleiding of een bonus na het seizoen werken vaak beter dan je denkt.
Vraag vertrekkers waarom ze weggaan. Dat is ongemakkelijk, maar het levert je de informatie op waarmee je de volgende keer niet weer iemand kwijtraakt om dezelfde reden.
Lees ook hoe je uitval voorkomt met een goede preboarding en welke secundaire arbeidsvoorwaarden talent overtuigen.
Takeaway: Investeer in een goede start, groei en eerlijke voorwaarden. Wie blijft, hoef je niet opnieuw te zoeken.
Werving in eigen hand nemen
Leer als ondernemer hoe je zelf personeel werft, je werkgeversverhaal scherp krijgt en de juiste kanalen kiest. Praktisch en toepasbaar op je eigen bedrijf.
Veelgestelde vragen over werven in de agrarische sector
Hoe vind ik personeel voor mijn agrarisch bedrijf?
Verbreed eerst je doelgroep. Naast mensen met agrarische ervaring zijn er zij-instromers uit andere sectoren, scholieren voor seizoenswerk en regionaal talent. Plaats je vacature op het gezamenlijke platform van de land- en tuinbouw, op seizoensplatforms zoals Seasonalwork.nl en via lokale netwerken. Vraag je huidige medewerkers actief om aanbevelingen.
Wat verdient een medewerker in de land- en tuinbouw?
Het loon valt onder de cao, zoals de cao glastuinbouw of de cao open teelten. Die legt een minimum vast voor loon, toeslagen en verlof, ook voor seizoenskrachten en uitzendkrachten. Het exacte bedrag hangt af van functie, ervaring en leeftijd. Vermeld het loon in je vacature, want kandidaten verwachten vaak ten onrechte een laag salaris.
Mag ik arbeidsmigranten van buiten de EU inzetten voor seizoenswerk?
Dat kan, maar het is beperkt en gereguleerd. Voor werknemers van binnen de EU geldt vrij verkeer. Voor mensen van buiten de EU heb je een werkvergunning nodig, aan te vragen via het UWV of de IND, afhankelijk van de verblijfsduur. Werk je via een uitzendbureau, controleer dan of dit gecertificeerd is en de cao correct toepast.
Is een agrarisch uitzendbureau beter dan zelf werven?
Dat hangt af van je behoefte. Voor korte seizoenspieken is een uitzendbureau snel en flexibel, al betaal je meer per uur. Voor vaste functies loont zelf werven, omdat je een eigen netwerk opbouwt en de kosten op lange termijn lager liggen. Veel bedrijven combineren beide: zelf werven voor de vaste kern, een bureau voor de pieken.
Hoe houd ik agrarisch personeel langer vast?
Begin bij een goede start, met een warm welkom en een vast aanspreekpunt. Bied vaste medewerkers zicht op groei en passende secundaire arbeidsvoorwaarden, zoals flexibele uren of een opleiding. Voor seizoenskrachten zijn nette huisvesting en eerlijke voorwaarden de reden dat ze terugkomen. Vraag vertrekkers waarom ze weggaan en gebruik die informatie.

Over de auteur
Jacco Valkenburg is recruitment architect, auteur en trainer. Hij leert MKB-ondernemers en recruiters hoe ze zelf gestructureerd personeel werven en is auteur van onder meer Recruitment 4.0.